Kastanjemineermot op Paardekastanje
Een plaag die de vorige decenia op zogoed als alle paardekastanjes in België te zien was, is de kastanjemineermot (ofte: "Cameraria orhidella").
Beter gezegd: hetgeen vooral zichtbaar is, is het effect van de larven van deze mot op de bladeren van de kastanjebomen. De larven zorgen namelijk voor een bruine verkleuring op de bladeren, door het verdwijnen van het bladgroen tengevolge van de larven. De bladeren vertonen eerst bruine vlekken, nadien valt het blad vroegtijdig af.
Het gevolg van deze mot (...enfin, van haar larven) is dat de boom niet of onvoldoende energiereserves kan aanmaken tijdens de zomerperiode. Indien dit lang aanhoudt kan dit uitputting van de boom teweegbrengen.
Om de boom preventief te beschermen tegen deze plaag moet men alle afgevallen bladeren afvoeren. Dus NIET enkel de bladeren opruimen van onder de boom en (al dan niet na verhakselen) op een hoop leggen, maar werkelijk het laten afvoeren van de bladeren. Systematisch moet elk blad op de grond weggedaan worden, op deze manier belet men dat de eitjes van de motten, die in het blad zijn gelegd, uitkomen en opnieuw de boom gaan infecteren. Dit is de meest effectieve maatregel.
Om de boom nog extra te beschermen kan men "feromoonvallen" plaatsen in de bomen.
Op de bovenstaande foto ziet u een dreef van paardekastanjes waar feromoonvallen zijn opgehangen geweest. De vallen zijn op de foto met een rood vierkantje aangeduid.
Deze vallen lokken de volwassen mannelijke motten m.b.v. van specifieke feromonen (=hormonen). De motten komen de val binnengevolgen en verdrinken in een vloeistof.
Esthetisch gezien zijn deze feromoonvallen geen werkelijke hinder.
Hoe dan ook: volgens de meeste mensen zijn ze minder storend dan de bruine vlekken op de bladeren. Bij het plaatsen van de vallen kan men er immers voor zorgen dat ze amper of niet zichtbaar zijn door ze temidden van de bladeren van de boom op te hangen.
Deze vallen kunnen een meerwaarde bieden doordat ze de volwassen mannelijke mot vangen (en doden).
De vallen moeten periodiek worden geleegd en voorzien van een nieuwe capsule feromonen.
Door deze twee technieken te combineren (= afvoeren van afgevallen bladeren + plaatsen van feromoonvallen) kan men een positieve invloed betekenen voor de bomen.
Het geheel kan nog effectiever worden dankzij het plaatsen van "kleefbanden" op de stam. "Kleefbanden" zijn repen stof gedrenkt in een lijm en in een feromoon die de vrouwelijke mot aantrekken. Eens de mot op de repen komt, blijft ze eraan plakken. Op deze manier kan ze geen eieren meer gaan leggen in de kroon van de boom.
Echter, hier hoort wel een waarschuwing bij: indien de behandelde paardekastanjes in de omgeving staan van onbehandelde paardekastanjes, kan de invloed van deze maatregelen beperkt zijn tegenover de invloed van de motten die van de onbehandelde bomen komen overvliegen.
In dit laatste geval kan de feromoonval en de kleefband een beduidend effect hebben, doch is het vooral belangrijk om de eigenaars van de andere bomen ook aan te zetten tot het afvoeren van de gevallen bladeren.
Informatief: Er zijn ook andere technieken bestaande om deze larven en/of motten te bestrijden, maar de meeste van de andere technieken gebruiken schadelijke chemicaliën, hebben een verwaarloosbaar resultaat of veroorzaken verwondingen aan de bomen. Vandaar dat we ervoor geöpteerd hebben om enkel deze technieken bespreken.
Voor verdere informatie of voor het plaatsen van dergelijke feromoonvallen kan u contact met ons opnemen via ons mailformulier of kan u contact opnemen met Jo Van Bouwel via dit formulier.
Meer info over de feromoonvallen voor kastanjemineermotten kan u o.a. vinden op: www.edialux.be
bron: foto's genomen door onze zaakvoerder, met dank aan Jo Van Bouwel van TreeXpert





